Gearchiveerde publicaties voor mclaren

Voorbeschouwing 24 uur Nürburgring 2012

N24

Een veld om van te smullen

Wie houdt van dikke Porsches, Mercs, BMW’s en Audi’s die op het randje worden bestuurd, komt al flink aan zijn trekken met de FIA-kampioenschappen, de Blancpain Endurance Series en de VLN. Maar wil je GT3’s zien zo ver het oog reikt, plus een zooi exoten en een heleboel gelukszoekers? Dan moet je bij de ADAC 24h-Rennen wezen. En dan krijg je de Groene Hel er nog gratis bij ook.

De 24 uur van de Nürburgring was al jaren een klassieker, maar sinds de VLN de GT3-categorie heeft ontdekt als bron voor een nieuwe topklasse, stroomt de wedstrijd elk jaar vol met de grootste sterren uit de sportwagenwereld. De ‘N24’ is nu groter dan ooit, zeker nu GT3 de maat der dingen is in het FIA GT1, het FIA GT3 (uiteraard), de ook steeds populairdere Blancpain Endurance Series en dus het ‘gastheerkampioenschap’ zelf, de VLN. De 24-uurskraker van de ADAC combineert het beste uit al die kampioenschappen tot een gigantisch veld dat nergens ter wereld zijn gelijke kent: niet op Daytona, niet op Spa, niet in Dubai. (Le Mans als buitencategorie natuurlijk daargelaten.)

Dat is mede te danken aan de ingewikkelde klassenstructuur van de VLN, die ruimte laat voor allerlei experimentele voertuigen en andere ‘one-offs’, maar ook voor tientallen amateurs die met hun toerwagen een gooi doen naar een klasseoverwinning. De snelheidsverschillen zijn daardoor enorm, wat de uitdaging voor de toppers alleen maar groter maakt. Lees verder…

Autosportnieuws maart 2012

Mijn nieuwsberichten van maart 2012 voor Driving-fun.com:

F1′s raadselachtige rubber

Sergio Pérez, Sauber C31

Het geheim van het zwarte goud

Elke auto is met vier minieme contactvlakjes verbonden met het asfalt. Het belang van het juiste rubber spreekt daardoor bijna vanzelf, zelfs voor F1-auto’s, ook al halen die een groot deel van hun grip uit downforce. Dit jaar spelen banden zelfs een cruciale rol, vooral nu Pirelli zo’n typische collectie compounds ter beschikking heeft gesteld. Alleen de Pirelli’s kunnen de grillige wedstrijd van Maleisië en de contrasten met 2011 én Australië verklaren.

‘Terug naar de agressieve aanpak van begin 2011’, zo formuleerde Pirelli zijn missie voor 2012. Dat leek een juiste beslissing, want de opening van het vorige F1-seizoen was spectaculairder dan ooit, met een recordaantal inhaalacties, waarvan het gros niet eens op de nieuwe vinding DRS (de ‘bewegende achtervleugel’) kon worden geschreven. In de tweede helft van het seizoen nam dat spektakel af, doordat Pirelli met de inmiddels opgebouwde kennis conservatiever werd. Het seizoen 2011, aan het slot toch al niet geholpen door het dominante optreden van Sebastian Vettel en Red Bull, doofde daardoor als een nachtkaars uit.

Dat moest anders in 2012. Enerzijds reduceerde Pirelli het verschil tussen de diverse rubbersamenstellingen (geen sprongen van anderhalve seconde meer), anderzijds wilden de Italianen het bijna onmogelijk maken om met één pitstop de race uit te rijden. De teams zagen al snel in hoe belangrijk het om die reden was om hun auto zich goed te laten gedragen op zelfs het zachtste setje banden. Een groot deel van de aandacht tijdens de collectieve tests op Jérez en Barcelona ging dan ook uit naar de wisselwerking tussen auto en band. Hoe lang kon een auto op één setje blijven rijden en, nog belangrijker, hoe groot was het verval tussen de snelste en de langzaamste rondetijd op dat setje? Lees verder…

DF’s grote F1-voorbeschouwing 2012

Sebastian Vettel, Red Bull RB8

De weg van de minste weerstand

Na twee achtereenvolgende titels – de eerste op de valreep, de tweede na een verzengende dominantie – beginnen Sebastian Vettel en Red Bull het F1-seizoen 2012 als de absolute favorieten. Durft er nog iemand tegen dit genadeloze duo te wedden? In de aanloop naar het eerste GP-weekend in Australië zet DF de kanshebbers en de kanslozen op een rij.

Je kon er letterlijk niet omheen kijken: bijna elke keer als er in de afgelopen weken een nieuwe F1-auto werd gepresenteerd, was zijn afzichtelijke getrapte neus de absolute blikvanger. Ferrari kwam met een Lego-auto, waarna negen van de overige elf teams volgden met hun eigen variatie op een rijdend vogelbekdier. Als we op onze oude dag terugkijken op de F1-seizoenen van de jaren tien, dan zal 2012 niet vaak worden genoemd als een jaar waarin ons gevoel voor esthetiek overmatig werd geprikkeld.

Lelijkeneuzenparade

Het had allemaal te maken met een nieuwe regel van de FIA, die meer veiligheid moest bieden bij een zijwaartse impact. Daardoor ging de maximale hoogte van de neus een flink stuk omlaag, terwijl die van het chassis gelijkbleef. Een hoog chassis is nuttig, omdat dat onderop (dus onder de benen van de coureur, als het ware) extra ruimte creëert voor aerodynamische trucs. Niet voor niets behoort de hoge neus al jaren tot het standaardpakket van de F1-aerodynamicus. Lees verder…

Autosportnieuws februari 2012

Mijn nieuwsberichten van februari 2012 voor Driving-fun.com:

Hoe goed is die Senna-docu eigenlijk?

Senna's auto's, FoS 2004

Het venijn zit in de staart

Veelgeprezen, veelbekroond, maar nooit vertoond in bioscopen in Nederland. De avondvullende documentaire over het leven van Ayrton Senna maakte het afgelopen jaar heel wat los. Op 3 november verschijnt de film op dvd. Eindelijk kan iedereen kijken die hem niet illegaal durfde te downloaden. Tijd voor een kritische beschouwing, want is die docu eigenlijk wel zo goed?

Om met de deur in huis te vallen: mwah. De film van twee uur en drie kwartier is twee uur lang vooral interessant voor Senna-fanboys en buitenstaanders. De eerste uren beschrijven de F1-carrière van de Braziliaan, vanaf zijn debuut tot aan dat fatale weekend op Imola, via interviews met betrokkenen en experts, vermengd met historische opnamen. Ze komen over als een hagiografie van een heiligenleven, die Senna-fans zal bevestigen in de keuze voor hun favoriet. Je begrijpt ook waarom de film zo goed is ontvangen op documentairefestivals: kijkers en juryleden van zulke festijnen beoordelen de documentaire vooral op zijn filmische en verhalende merites – en als portret van een fenomeen is de film zeker dik in orde. Lees verder…

DF’s grote F1-voorbeschouwing 2011

Red Bull RB7

Voor het echie

Na een lange testwinter en twee weken uitstel gaat het komend weekend dan toch gebeuren: in Australië slaan de F1-motoren weer aan, nu voor het echie. Hoe staan de kaarten ervoor? DF loopt het veld met je door, team voor team, auto voor auto, coureur voor coureur.

Het F1-seizoen 2011 kent dit jaar 19 races – tenminste, als de ‘uitgestelde’ GP van Bahrein definitief niet doorgaat, waar gezien de staat van beleg in het Golfstaatje tot nu toe alle kans op is. De kalender lijkt in grote lijnen op die van 2010, maar kent toch een paar verschillen. Het opvallendste nieuwtje is natuurlijk het debuut van de GP van India, die Bernie’s droom van een waarlijk wéreldkampioenschap opnieuw een stukje echter maakt. Verder wisselen Turkije en Monaco van plaats om het prinsdom zijn traditionele weekend na Hemelvaart te gunnen en krijgt Brazilië wederom de eer van de slotrace. Lees verder…

F1-innovatie: turbo’s en ground effect (vervolg)

Williams FW07

Terug naar de toekomst

Turbo’s en ground effect hielpen niet alleen het stabiele 3-litertijdperk om zeep, ze luidden samen ook het meest tumultueuze F1-tijdperk aller tijden in: de oorlog tussen de FISA- en de FOCA-teams. Beide uitvindingen werden in de loop van de jaren tachtig verboden, maar ze veranderden het speelveld van de F1 voorgoed, zo gezichtsbepalend zijn ze gebleken. En in 2013 maken ze een onverwachte comeback…

In het vorige deel uit deze DF-serie over de innovatiegeschiedenis van de Formule 1 zagen we hoe zich aan het begin van de jaren tachtig twee kampen verzamelden rondom twee baanbrekende uitvindingen: de turbo enerzijds en ground effect anderzijds. Samen hadden ze een eind gemaakt aan het stabiele 3-litertijdperk.

Renault was van een lachertje in zijn debuutseizoen uitgegroeid tot GP-winnaar met zijn 1,5 liter V6 met turbo. Lotus was na zijn initiële ontdekking van het ground effect weggezakt tot een middenmoter, nadat Colin Chapman een paar keer een stap te ver had gedaan met zijn wilde ideeën en zijn resterende budget zuinig moest inzetten voor conservatieve ontwerpen die nooit prijzen zouden kunnen winnen. Williams was daarentegen na tien lange jaren in de woestijn op een oase gestuit en genoot opeens een status als topteam. Lees verder…

Autosportnieuws februari 2011

Mijn nieuwsberichten voor Driving-fun.com van februari 2011:

Autosportnieuws juli 2010

Mijn nieuwsberichten van juli 2010 voor Driving-fun.com:



© mattijsdiepraam.nl 2012

RSS. Deze Wordpress-site maakt gebruik van het thema Modern Clix, ontworpen door Rodrigo Galindez. Nederlandse vertaling: mattijsdiepraam.nl