Vlaggen en toeteren
De 24 uur van Le Mans is lekker onderweg. Inmiddels kijken we weer vanuit de perskamer, maar we konden het niet laten om de start mee te maken tussen de mensen. Dus wandelden we via de Village naar de Dunlopbrug, om tussen de Britten, Denen én Hollanders te zien hoe het veld voor het eerst over de heuvel kwam razen.
Le Mans is groot, maar ook weer niet zo groot. Het is dus een kleine moeite om van het pitgebouw even een wandeling te maken voorbij de Esses, om daar de auto’s onder de Dunlopbrug vandaan te zien komen, op weg naar Tertre Rouge. En dus liepen we via de Village, waar de autofabrikanten Nissan, Chevrolet en natuurlijk Audi groot aanwezig zijn voor het brede publiek, over een steeds modderiger pad naar de brug. Terwijl aan de overzijde van de brug de band op het Nissanpodium een soundcheck deed, liep de heuvel naast de Esses langzaam vol.
Of nou ja, vol. Echt vol is het dit jaar niet op Le Mans. Op de hoofdtribune waren al lege plekken te zien – echt ongekend – en bij Tertre Rouge kon je rustig je plekje uitzoeken. Schouder aan schouder over de Dunlopbrug? Nergens voor nodig.
Toch was het een feest om tussen de mensen op de heuvel te staan. De vlaggen wapperden, de toeters toeterden en gejuich ging op toen de eerste Audi’s onder de brug verschenen, lichten aan.
Even daarvoor was de start ingeluid door luchtacrobaten die de kleuren van de Franse vlag als rookstaarten achter zich lieten. En toen: ‘Et c’est parti!’ Na een paar ronden was het weer tijd om terug te wandelen naar het paddock, waar het werk in volle gang was – of voor sommigen alweer voor even afgelopen. Zo’n saffie buiten de tent is dan best lekker, vooral als de zon alweer zo fel schijnt dat de meisjes in shorts weer naar buiten durven komen.
Oorspronkelijk verschenen op Driving-fun.com.
