Het zijn de idealen, dommerds

Sinds het populisme zijn weg heeft gevonden in de Nederlandse politiek, heeft het taalgebruik in Den Haag een flinke paradigmaverschuiving ondergaan. Ik doel niet op de taalverruwing die haar intrede deed in de aanloop tot de verkiezingen in mei – ik vermaak me wel met woorden als ‘pleefiguur’. De strenge handhaving van ‘normen en waarden’ lijken mij in het debat juist ongewenst. Iedereen die op een gladde wc-bril gaat zitten, glijdt vanzelf wel met de billen op de koude tegelvloer. De zelfcorrectie zit in het democratische debat ingebakken.

Saillant is trouwens dat de roep om een herstel van ‘normen en waarden’ het hardst klinkt bij de volksvertegenwoordigers wier achterban er alles aan doet om politieke tegenstrevers (tegenwoordig ook wel ‘tegenstanders’ of ‘vijanden’ genoemd) de mond te snoeren door middel van dreigende taal die er niet om liegt. Intussen blijdschap uitend over het feit dat eindelijk weer ‘alles kan worden gezegd’. Behalve natuurlijk als het wordt gezegd door hogepriesters van de linkse kerk, want die dienen de mond te worden gesnoerd met kogelbrieven.

Zo is er in het Nederland van 2002 wel meer dat de omschrijving ‘omgekeerde wereld’ verdient. Want waar ik me nog veel meer over verbaas, zijn de mantra’s ‘luisteren naar de mensen’ en ‘de politiek weer van de burger maken’. Deze kreten liggen blijkbaar lekker bij het verwende electoraat en dus neemt elke verliezer van mei de bezwerende formules van winnaar Fortuyn over. Echt waar, ook wij kunnen luisteren. Geloof ons, wij denken ook aan u. Ik weet niet welke bevolkingsgroepen zulke beloften voor zoete koek slikken, maar ik hap in ieder geval niet toe. (meer…)

Help, het voorzetselvoorwerp verzuipt!

Is dit het tijdperk van het beeld – en dus, als we het over televisie hebben, het gesproken woord? Misschien, maar het staat evenzeer vast dat de regels van de geschreven taal steeds steviger in het zadel komen te zitten. De recente ophef over de Vlaamse wens tot herroeping van de spellingsherziening van 1995 is slechts een bokkensprongetje in de algemene acceptatie van het moderne geschreven Nederlands.

Wat een contrast met vroeger eeuwen: de middelnederlandse geletterden dienden zich nauwelijks te conformeren aan algemeen geldende regels van taal, stijl en spelling – met een hoogst curieuze en vermakelijke variatie in taalgebruik tot gevolg. Pas in de 17e eeuw kwam de rationalisatiedrift pas goed los, met kunstmatige vondsten als ‘hen’ en ‘groter dan’ tot gevolg. Dit strak trekken van de grammatica heeft tot op de dag van vandaag steeds rigidere vormen aangenomen. Alle geweeklaag over taalverloedering ten spijt wordt heel Nederlands sprekend Nederland heden ten dage door kranten, tijdschriften en websites gebombardeerd met identieke woordbeelden en correcte zinsbouw. De zonden tegen de regels springen er alleen maar extra door in het oog. Gelukkig zijn daar de Groene Boekjes, stijlboeken en webadviezen (ja, wij doen er zelf aan mee) die de dwalenden weer terugsturen op het kaarsrechte pad van de geschreven taal. (meer…)

Links, twee, drie, vier!

Wie met woorden werkt, hecht grote waarde aan hun betekenis. Maar je hoeft geen schrijver van beroep te zijn om te weten dat de meeste woorden niet alleen een letterlijke betekenis hebben. In mijn kinderjaren, die gelijkvielen met de jaren van polarisatie in de jaren zeventig, ontdekte ik al snel de bijbetekenissen van links en rechts. Hoewel ik plastic soldaatjes en miniatuurtanks van Matchbox tot mijn speelgoed mocht rekenen – waarbij ik de Duitse pothelmen en Tigers heimelijk van het fraaiste ontwerp vond – liep ik ook mee in de beroemde antikernwapendemonstratie door de straten van Den Haag. Aan de hand van mijn vader, die links stemde terwijl hij voor een grote oliemaatschappij werkte. En ik was het gloeiend met hem eens, jaren later resulterend in een pacifistisch-socialistisch stemgedrag dat me nooit meer heeft verlaten. Wat wil je ook als je in Amsterdam studeert. Tegelijk nam hij me mee naar Zandvoort, waar ik vanaf mijn achtste alle navolgende Grote Prijzen van Nederland vanuit het pitgebouw heb aanschouwd, jaren later resulterend in een autoliefde waar zelfs de gematigdste milieupartij geen goed woord voor overheeft. Kortom, waar destijds in de rest van de samenleving de begrippen links en rechts de loopgraven hadden betrokken, daar dwaalde ik vrolijk door niemandsland.

Op het eerste gevoel was het voor mij dan ook thuiskomen toen paars in dit land aan de macht kwam. Het niemandsland van links en rechts was opeens doorgedrongen tot het centrum van de macht. En het heeft zijn verwoestende effect gehad. Waar links steeds meer ging staan voor conservatisme (behoud van sociale rechten, behoud van het milieu, natuurbehoud), daar beleed rechts ideeën die je progressief kunt noemen, in de zin van verandering nastrevend (technologische vooruitgang, de Zalmnorm, Europa). (meer…)

Hoezo duurzaam ondernemen?

Zelf vlieg ik zelden tot nooit. Toch maken vliegtuigen wel degelijk deel uit van mijn dagelijks leven. Vanuit het raam van ons kantoor in Hoofddorp kun je ze op een mooie dag zien opstijgen van de Kaagbaan van Schiphol. En elke dag zie ik en hoor ik ze niet ver van mijn huis afremmen voor een landing op de Zwanenburgbaan. Mijn woon-werkverkeer over de Haarlemmermeerse binnenwegen wordt bovendien twee maal daags verstoord door de bouwwerkzaamheden aan de ‘vijfde baan’. En wie heeft er in de omgeving van Schiphol geen familie, vrienden, kennissen of buren die op de luchthaven werken? Met andere woorden, u begrijpt waarom ik de ontwikkelingen in de luchtvaart op de voet volg.

En dan is het vreemd hoe dingen kunnen lopen. Nog geen jaar geleden stonden de krantenkolommen in het teken van de ongebreidelde groei van de luchtvaart. Indrukwekkende extrapolaties moesten bewijzen hoe snel het aantal vliegbewegingen de komende jaren zou stijgen. Werknemers van de N.V. Luchthaven Schiphol en aanverwante industrie reden rond met bumperstickers die in sloganvorm meldden dat beperkingen aan het vliegverkeer de dood in de pot voor de regio zouden zijn. Allemaal argumenten voor het morrelen aan de ‘randen van de nacht’ en voor het stelselmatig overtreden van geluidsnormen en groeiquota. En uiteraard hét excuus voor de aanleg van de vijfde baan, op een plek die – hoe toevallig – precies genoeg ruimte overliet om ook nog een zesde baan aan te leggen. Keer op keer bezweek het ministerie van Verkeer en Waterstaat voor deze argumenten. (meer…)

Het carrièrevirus

Een column moet ruimte geven aan een stelling van controversiële eenvoud. Zonder aandacht te schenken aan morele bezwaren, praktische obstakels en belemmeringen van sociaal-economische aard.

Laat ik daarom op deze plaats mijn stelling van controversiële eenvoud poneren: als we morgen 50 procent van de managementfuncties binnen de BV Nederland schrappen, gaat het volgend jaar weer een stuk beter met het land. Daarmee trap ik ongetwijfeld velen tegen het zere been, maar ter onderbouwing zeg ik daarbij het volgende: doordat carrière maken zo’n groot en belangrijk goed is geworden voor de verwende ‘high potential’, is de aandacht in organisatieleer, opleidingenland en arbeidsmarkt verplaatst van de productieve beroepen naar de niet-productieve beroepen. Steeds minder mensen doen daardoor het eigenlijke werk, terwijl er zich steeds meer mensen direct of zelfs indirect – in de vorm van consultancy en advies – bemoeien met het bedenken van regeltjes voor de mensen die het eigenlijke werk doen.

Als nu duidelijk zou zijn dat hun sturende en adviserende taken zouden leiden tot een daadwerkelijke productiviteitsstijging onder de productieve medewerkers, dan is alle lof op z’n plaats. Maar wat zien we in plaats daarvan gebeuren? De weinige productieve medewerkers worden gedwongen nog efficiënter te werken. Een deel van hen kan de verhoogde werkdruk niet aan en meldt zich ziek. De werkdruk voor de achterblijvers stijgt nog meer. Er wordt een probleem geconstateerd aan de top, die daarop reageert door nog maar een extra blik managers open te trekken om het probleem te ‘managen’. In de praktijk gebeurt er niets en gaat de negatieve spiraal ongestoord verder. Met andere woorden: managers maken Nederland ziek en carrière maken is het hoogst besmettelijke virus dat daarvoor verantwoordelijk is. (meer…)